Menu Meer info over bio

 

 

Bezoek ook andere bio-kippenbedrijven:

Gallinero

Boldershof b.v.b.a.

De Dobbelhoeve


De Taemhoeve,
bio-boerderij

Alverberg kortessem
hoevekippen konijnen

't Gebroek

 

 

biogarantie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Als ingenieur startte ze in een kantoorjob, maar ze had een boontje voor kippen. Vandaag runt ze een bedrijf met vijfduizend legkippen en boert ze biologisch tussen kip en ei. Die ommezwaai beklaagt ze zich niet, want bio heeft zoveel meer te bieden, vindt Isabelle Piesschaert.
“Toen ik in 1997 afstudeerde als bio-ingenieur was er geen haar op mijn hoofd dat er aan dacht om biologische kippen te kweken. Ik volgde toen de raad op van mijn vader. Die was zelf boer en hij zei altijd: ‘Meisje, ga werken voor een baas, dan heb je tenminste tijd voor jezelf!’ Maar je ziet dat het anders gelopen is ...”

Dat zien we inderdaad als we rondkijken op het bedrijf van Isabelle Piesschaert in Nevele. Er staan twee grote stallen. Als we er eentje binnenlopen, worden we verwelkomd met een oorverdovend gekakel. “In deze stal zitten 2500 kippen,” vertelt Isabelle, “en in de stal hierlangs nog eens zoveel.” Ondankbioboerins het regenweer loopt een deel van de kippen buiten, in een mooie groene wei met jonge fruitbomen. Ze zijn driftig aan het pikken. “Met de regen komen de wormpjes boven”, legt onze eierboerin uit. En dat weten de kippen natuurlijk!

Boontje voor kippen
Wat heeft haar nu gedreven van de ‘mooie’ kantoorjob waar ze in 1997 mee startte, naar deze boerderij? “Dit is mijn ouderlijk huis, waar mijn vader en moeder hun gemengd bedrijf hadden. Melkvee, varkens, akkers, ... Rond 2003 dacht mijn vader aan stoppen. Net ervoor had ik een artikel gelezen over biokippen en bio-eieren. En dat was voor mij echt een openbaring! Plots had ik door wat ik met mijn leven wilde doen. Dat ik er niet voor gemaakt was om jarenlang op een kantoor te zitten, dat was mij intussen al duidelijk geworden.”
En dan ging het snel. 2003 was een jaar van rekenen: bekijken wat haalbaar zou zijn, vergelijkingen maken, centjes tellen ... In 2004 kwamen de eerste kippen binnen in de stallen. “Eigenlijk heb ik altijd een boontje voor kippen gehad. Ik vind dat fascinerende dieren, al weet ik niet precies waarom. De keuze voor bio was vanzelfsprekend. Pas op, bio is mij zeker niet met de paplepel ingegeven. Om eerlijk te zijn: in het milieu waarin ik ben opgegroeid, werd er zelfs een beetje smalend over gedaan.”
Waarom was Isabelle dan overtuigd om onmiddellijk voor bio te kiezen? “Voor mij had het op de eerste plaats te maken met dierenwelzijn. De omstandigheden waarin kippen worden gehouden in de traditionele teelt, stuiten echt tegen de borst. Dat wilde ik in geen geval. Ik wilde de dieren in een goede omgeving houden én een eerlijk product afleveren. Zo kwam ik bij bio.” Wat ongetwijfeld ook meespeelde, was dat Isabelle van het eerste ogenblik zeker was van haar afzet. Het Bolderhof, een van de belangrijkste verdelers van bio-eieren in Vlaanderen, wilde al haar eieren twee keer per week komen ophalen. Ze kon met hen ook goeie prijsafspraken maken.

Eitjes rapen
Vijfduizend kippen houden is geen sinecure. Alles is dan ook tot in de puntjes geregeld op het bedrijf. “Omstreeks half zeven sta ik op en ga ik onmiddellijk naar de stallen, om te controleren of de kippen nog voldoende biovoer en water hebben. Dan zorg ik dat mijn drie kindjes op school geraken en vanaf negen uur begin ik eieren te rapen. Dat doe ik vaak samen met mijn vader, een mooie gelegenheid om eens bij te praten." Eitjes rapen, hoe moeten we ons dat voorstellen? De boerin die met een rieten mandje een voor een de duizenden eitjes raapt? Isabelle moet even lachen ... “Nee, zo gaat het natuurlijk niet. Ons bedrijf is volledig computergestuurd. De kippen leggen hun eieren in nesten en dan vallen ze op een band. Die voert ze naar een kleine ruimte naast de stal, waar wij ze rapen. ‘s Morgens zijn we enkele uren bezig met het rapen en met het grondig controleren van de hele stal. Na de middag verzamelen we dan de rest van de eieren en doe ik nog eens een kleine controle.”
Terwijl we praten, kakelen de kippen rustig verder. Nu en dan vliegt een deel van hen op, schijnbaar zonder reden. “Kippen zijn gevoelige dieren die op het minste reageren. We moeten dus zorgen voor de best mogelijke omstandigheden als we onze productie willen handhaven. Op dit ogenblik halen we dagelijks zo’n 4650 eieren. De kippen die je ziet, zijn nu 7 maanden hier. Over zes maanden, na de zomer, beginnen we aan een nieuwe ronde.”

Van prof tot amateur
Als de jonge biokippen bij Isabelle geleverd worden, zijn ze zeventien weken oud. Ze blijven dertien maanden op het bedrijf. Dat is ongeveer de periode waarin een hoog legpercentage verzekerd is. Na die periode worden ze weggehaald. “Dat is een heel triest moment,” zegt Isabelle, “want de dieren worden dan geslacht. Eén keer hebben we een fijne actie gevoerd, samen met de gemeente. De inwoners konden hier kippen kopen, om die in hun tuin te houden. Er zijn er toen een duizendtal weggegaan. Weet je, na dertien maanden leggen die kippen zeker nog eieren. Genoeg voor de amateur die kippen houdt, maar te weinig voor de professionele teler.”
Isabelle Piesschaert heeft zich haar keuze om bioboerin te worden nog niet beklaagd. Zij kan, als zelfstandig ondernemer, haar droom waar maken. En dat in een branche waarin dierenwelzijn en eerlijke producten centraal staan. Maar natuurlijk is niet alles rozengeur en maneschijn. “Onze eerste ronde, in 2004, liep op wieltjes. Toen dachten we dat ons niets meer kon overkomen. Maar 2005 bracht ons met de voeten op de grond. Er was toen veel sterfte onder de kippen. En in 2006 hadden we kippen die wel gezond waren maar slecht legden. Tja, we werken met levend materiaal ...”
Als de kippen ziek zijn, komt de dierenarts. Voor de biologische teelt is precies omschreven welke geneesmiddelen de dieren mogen krijgen. “Bij zieke kippen,” zegt Isabelle, “gaat het vaak om een virus, en daar is weinig tegen te doen. Je kan ze wat vitamines geven en ze uitstekend verzorgen. En dan wachten tot het virus uitsterft ...”
Binnenkort zitten de stallen van Isabelle dus weer vol met jonge kippetjes. Eer die binnen mogen, moet alles naar buiten worden gedragen en onder hoge druk schoongespoten. De stallen worden ook ontsmet. “Daarvoor doen we een beroep op een externe firma, want dat is specialistenwerk. In de biologische teelt mag niet om het even welk ontsmettingsmiddel worden gebruikt.”

De ultieme worm
We wandelen nog even langs de prachtige wei met honderden kippen erin. Hier en daar vliegt er eentje een bepaalde richting uit. Op zoek naar die ultieme worm waarvan biokippen kunnen genieten? “Als je dit ziet, twijfel je toch niet”, zegt Isabelle. “Bio-eieren bieden de consument én de kippen zoveel meer. In de zomer zijn er geregeld wandelaars of fietsers die hier stoppen. Ze kijken dan vertederd naar de loslopende beestjes. Bio brengt ons zoveel dichter bij de kern van alles.”

©puurmagzine

Biotikkeneike